Wij zoeken nieuwe collega’s. Bekijk hier alle vacatures

17 september 2025

Voorstellen energie- en vliegbelasting

Vliegbelasting

Het tarief van de vliegbelasting wordt vanaf 2026 gebaseerd op de eindbestemming van de passagier, niet op de eerste overstapluchthaven. De belasting kent drie afstandscategorieën:

  • € 29,40 voor korte vluchten (EU, Caribisch NL en dichtbijgelegen landen);
  • € 47,24 voor middellange vluchten (2.000-5.500 km);
  • € 70,86 voor lange vluchten (> 5.500 km).

Deze progressieve opbouw sluit aan bij het principe 'de vervuiler betaalt'. Langere vluchten veroorzaken meer uitstoot en worden zwaarder belast. In plaats van per vlucht kilometers te berekenen, werkt de wet met vaste landenlijsten. Dit maakt uitvoering en controle eenvoudiger en geeft passagiers meer duidelijkheid. Bijzonder is dat het Caribisch deel van het Koninkrijk onder het lage tarief valt, ondanks de afstand. Dit is om de economische en maatschappelijke verbondenheid te beschermen.

Geen belasting voor transferpassagiers of veelvliegers

Overstappers in Nederland blijven vrijgesteld, om concurrentienadelen voor Schiphol te voorkomen. Ook komt er geen aparte veelvliegersbelasting. Dit is te complex en te privacygevoelig om uit te voeren.

Heffingskorting energiebelasting minder omlaag

De energiebelasting kent een belastingvermindering. Dit is een vast bedrag per jaar dat ongeacht de verbruikte hoeveelheid elektriciteit en aardgas in mindering wordt gebracht op de energierekening. In 2025 is het bedrag € 524,95 (excl. btw). In de praktijk wordt de belastingvermindering ook wel aangeduid als heffingskorting. Voorgesteld wordt om met ingang van 1 januari 2026 de belastingvermindering structureel te verhogen ten opzichte van het basispad. De verhoging in 2026 bedraagt € 9,30. Het verschil ten opzichte van 2025 is per saldo -€ 5,15 in plaats van de verlaging van € 14,45 die in het basispad zat.

Relevante artikelen

Tariefmaatregel op doorbetaald pensioen is geen discriminatie

Een belastingplichtige en zijn echtgenote gaan in 1992 uit elkaar. Hij betaalt zijn ex in 2020 en 2021 elk jaar € 4.078 uit zijn ouderdomspensioen. Die betalingen zijn aftrekbaar, maar door de tariefmaatregel niet tegen het hoogste tarief. Wie

Lees hier meer

Loods bij de woning op kosten van de bv is een winstuitdeling

Een dga is indirect enig aandeelhouder van een bv die tot 2014 een tankstation en wasstraat exploiteert op zijn privéperceel. Daarna ligt die locatie stil door een conflict met de gemeente. Vanaf augustus 2015 verrijst bij zijn woning een

Lees hier meer

Niet ingehouden loonheffing hoort ook niet bij het genoten loon

Een dga geeft over 2023 een loon van € 29.880 aan, met € 7.442 aan ingehouden loonheffing. Zijn bv draagt die loonheffing echter nooit af en de inspecteur verrekent daarom niets. De dga kan niet bewijzen dat de loonheffing wel is

Lees hier meer

Zelfstandigenwet biedt meer duidelijkheid voor zzp’ers

De Zelfstandigenwet, die naar verwachting in januari 2028 in werking treedt, heeft als doel om meer duidelijkheid te scheppen over de samenwerking tussen zelfstandigen en opdrachtgevers. De wet wil schijnzelfstandigheid tegengaan en zelfstandigen de

Lees hier meer

Bedrijf met kleine winsten blijft een onderneming

Een man is vennoot in een vof die akkerbouw bedrijft. De inspecteur vindt het bedrijf te klein en rekent het aandeel tot het vermogen in box 3. Hij telt veertien jaar resultaten op en komt uit op een negatief totaal. Het hof wijst dat af, want de

Lees hier meer

Verzekeringsplicht bestuurders door ongelijk aandelenbezit

Een aantal radiologen zette in 2014 hun maatschap om in een vennootschap, waarin elke radioloog aandeelhouder, bestuurder en werknemer is. Het aandelenbezit volgt de omvang van het dienstverband, dat varieert van 0,55 tot 1 fte. Vooraf bevestigt de

Lees hier meer