Wij zoeken nieuwe collega’s. Bekijk hier alle vacatures

24 oktober 2024

Pakketbezorger parkeert niet, maar stopt voor onmiddellijk laden en lossen

Gemeenten kunnen parkeerbelasting heffen. De Gemeentewet verstaat onder parkeren het gedurende een aaneengesloten periode laten stilstaan van een motorvoertuig, anders dan voor het onmiddellijk in- of uitstappen van personen of het onmiddellijk laden of lossen van goederen. De Hoge Raad heeft in een arrest uit 1999 “onmiddellijk laden en lossen” uitgelegd als het bij voortduring in- of uitladen van zaken van enige omvang of enig gewicht. Dat moet direct aansluitend aan het tot stilstand brengen van de auto aanvangen en mag niet langer duren dan de tijd die daarvoor nodig is. Vanwege de omvang of het gewicht van de zaken kunnen zij niet of bezwaarlijk anders dan per voertuig ter plaatse worden gehaald of gebracht.

De rechtbank Rotterdam heeft de aan een pakketbezorger opgelegde naheffingsaanslag parkeerbelasting van de gemeente Rotterdam vernietigd. De pakketbezorger had met een (magneet)bord op zijn voertuig aangegeven dat hij bezorger is. Per adres heeft hij niet langer dan twee minuten stilgestaan. De afgeleverde pakketjes zijn per stuk makkelijk te dragen maar tezamen kunnen ze niet door een persoon worden gedragen en bezorgd. Gezien deze omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat sprake is van laden en lossen.

Hof Den Haag heeft het hoger beroep van de gemeentelijke heffingsambtenaar ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.

Tussen partijen was niet in geschil dat de auto uitsluitend heeft stilgestaan voor het uit de auto halen van pakketten, het lopen naar adressen waar de pakketten moesten worden afgegeven, het afleveren daarvan en het teruglopen naar de auto. Vanwege de beperkte omvang van de pakketten meende de heffingsambtenaar dat geen sprake was van “onmiddellijk laden en lossen”. De pakketbezorger heeft op de dag, waarop de naheffingsaanslag betrekking had, 89 pakketten bezorgd. De pakketten bevatten kleding en verschilden van zakken tot dozen van verschillende omvang en gewicht. De grootste dozen hadden een omvang van ongeveer 80x60x50 cm. Volgens het hof is niet vereist dat per parkeerincident of bezorgadres moet worden beoordeeld of sprake is van onmiddellijk laden en lossen. De heffingsambtenaar heeft niet aannemelijk gemaakt dat een andere wijze van vervoer dan per auto mogelijk was.

Relevante artikelen

Geen arbeidskorting meer over bepaalde uitkeringen

Vanaf 1 januari 2027 wijzigen de regels voor het samenvoegen van loon en socialezekerheidsuitkeringen bij de loonheffingen. Deze aanpassing heeft financiële gevolgen voor werknemers die een socialezekerheidsuitkering via hun werkgever

Lees hier meer

Bijbetalen voor duty-free sigaretten

Een man komt vanuit India aan op Schiphol en wordt gecontroleerd door de Douane. Bij de controle ontdekt de Douane dat hij 1.200 sigaretten bij zich heeft. Voor 200 sigaretten krijgt hij een vrijstelling, maar voor de overige 1.000 sigaretten legt de

Lees hier meer

Geen heffingsvrij vermogen bij werkelijk rendement

Een man en vrouw hebben in 2023 uitsluitend bank- en spaartegoeden van in totaal € 229.802. Op deze tegoeden ontvangen zij gedurende het jaar € 1.575 aan rente. De Belastingdienst stelt het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen (box 3)

Lees hier meer

Lek dak verhindert aftrek

Een ondernemer claimt aftrek van voorbelasting. Een deel van zijn administratie is echter verloren gegaan door lekkage, waardoor hij de geclaimde voorbelasting niet kan onderbouwen. Het verlies van de administratie door lekkage komt volgens de

Lees hier meer

Meer tijd om toeslagen over 2025 aan te vragen

De aanvraagtermijn voor huurtoeslag, zorgtoeslag en kindgebonden budget over 2025 is met vier maanden verlengd. De aanvraagtermijn voor deze toeslagen loopt nu tot en met 31 december 2026. Voorheen was het mogelijk deze toeslagen aan te vragen tot en

Lees hier meer

Creatief argument tegen box 3 strandt

Een belastingplichtige betoogt dat de box 3-heffing ongeldig is, omdat de wet geen expliciet genietingsmoment bevat. Hij betoogt dat zonder wettelijke bepaling die vastlegt wanneer het inkomen wordt genoten, het niet kan worden belast. De rechtbank

Lees hier meer