Wij zoeken nieuwe collega’s. Bekijk hier alle vacatures

9 november 2023

Mogelijke verfijningen Overbruggingswet box 3

De staatssecretaris van Financiën heeft een uitgebreide brief aan de Tweede Kamer gestuurd over mogelijke verfijningen van de Overbruggingswet box 3. Deze wet geldt tot de invoering van een nieuw stelsel van belastingheffing naar het werkelijk behaalde rendement. Dat stelsel zou per 1 januari 2027 in werking moeten kunnen treden. In de overbruggingsfase sluit het forfaitaire rendement voor spaarders volgens de staatssecretaris goed aan bij het werkelijk behaalde rendement.

Voor de categorie ‘overige bezittingen’ in box 3 is onderzocht of deze kan worden verfijnd. De brief bevat een viertal opties.
De eerste optie is om aandelen in het vermogen van een reservefonds van een Vereniging van Eigenaren en geld op een derdenrekening van een notaris in de categorie banktegoeden te plaatsen.
De tweede optie is het niet meer in de belastingheffing betrekken van onderlinge vorderingen en schulden in box 3, die in een gezamenlijke aangifte worden verwerkt. Het gaat dan bijvoorbeeld om verrekenbedingen tussen echtgenoten op basis van huwelijkse voorwaarden.
De derde optie is het verhogen van de heffingskorting voor groene beleggingen.
De vierde optie is het invoeren van een aparte categorie voor vorderingen met hetzelfde forfaitaire rendementspercentage als schulden. Verder is de mogelijkheid onderzocht om de categorie ‘overige bezittingen’ te verdelen in meerdere categorieën, met ieder een eigen forfait.

Het kabinet wil de eerste twee opties in ieder geval invoeren. Of ook de andere twee verfijningen doorgevoerd worden is nog niet besloten.

In zijn brief gaat de staatssecretaris in op maatregelen die zijn onderzocht, maar die wat het kabinet betreft niet voor de hand liggen om uit te voeren. Het gaat onder meer om de invoering van een tegenbewijsregeling en van een forfaitaire vermogenssamenstelling in de categorie overige bezittingen.

Los van de genoemde verfijningen wordt onderzocht hoe onroerende zaken belast kunnen worden bij een stelsel op basis van werkelijk rendement. Er wordt niet alleen gekeken naar het belasten van werkelijke inkomsten zoals huur en pacht, maar ook naar het belasten van de waardeontwikkeling van onroerende zaken. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen woningen en niet-woningen. Verder wordt onderzocht of het mogelijk is om het eigen gebruik van onroerende zaken, die in box 3 vallen te belasten. Een optie kan zijn het belasten van onroerende zaken als resultaat uit overige werkzaamheden (ROW) in box 1. Voor alle varianten geldt dat ook wordt onderzocht wanneer deze in te voeren zijn, zodat ze mogelijk kunnen gelden voor de overbruggingsperiode.

Relevante artikelen

Koopovereenkomst nieuwe woning geen box 3-schuld

Een vrouw verkoopt haar woning. In hetzelfde jaar sluit zij een voorlopige koopovereenkomst voor een nieuwe woning. Deze wordt het jaar erna, in januari, geleverd. De vrouw maakt de koopsom in januari in drie delen over naar de derdengeldrekening van

Lees hier meer

Lening omkatten naar vergoeding redt aftrek niet

Een bv drijft een uitzendbureau en een klussenbedrijf. De enige aandeelhouder is een vrouw, die samen met haar partner bestuurder is. De bv heeft twee vorderingen die zij in 2020 wil afwaarderen. De eerste vordering van ruim € 74.000 betreft de

Lees hier meer

Van verplicht naar vrijwillig: weg aftrek pensioenpremie

Een werknemer was tot 2017 verplicht verzekerd in Luxemburg en bouwde daar pensioen op. Daarna wordt hij verplicht verzekerd in Nederland, maar hij zet de Luxemburgse pensioenregeling vrijwillig voort. De premie die hij zelf betaalt, wil hij

Lees hier meer

Navordering deels vernietigd na te late aanslag

De bevoegdheid om een navorderingsaanslag op te leggen vervalt vijf jaar na het ontstaan van de belastingschuld. Bij uitstel voor het doen van aangifte wordt deze termijn verlengd met het verleende uitstel. De inspecteur stelt dat hij een

Lees hier meer

Belastingdienst mag wereldwijd informatie opvragen

De bevoegdheid van de inspecteur om rechtstreeks informatie op te vragen is niet territoriaal begrensd, zo bevestigt de Hoge Raad. Ook brengt de Tax Information Exchange Agreement (TIEA) met Jersey niet mee dat de inspecteur eerst informatie bij de

Lees hier meer

Fictieve vervreemding aanmerkelijk belang bij overlijden

Een vrouw overlijdt in 2020. De inspecteur legt een aanslag inkomstenbelasting op, waarbij hij een belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang van € 241.893 in aanmerking neemt. De erven van de vrouw stellen dat de vrouw geen aanmerkelijk belang

Lees hier meer