Wij zoeken nieuwe collega’s. Bekijk hier alle vacatures

17 september 2025

Maatregelen box 3

Meer belasting voor beleggers, lager heffingsvrij vermogen

De invoering van een nieuw box 3-stelsel (werkelijk rendement) schuift door naar 2028. Om het gat te dichten dat is ontstaan door het uitstel van de hervorming, sleutelt het kabinet tijdelijk aan het huidige systeem. De maatregelen zijn tijdelijk (2026-2027). Twee aanpassingen springen eruit:

  1. Hoger forfait voor overige bezittingen
    Per 2026 gaat het forfait voor aandelen, obligaties en vastgoed omhoog van 6% naar 7,78%. De reden is dat de oude formule vooral naar huizenprijzen keek en rendementen onderschatte, omdat huuropbrengsten en het voordeel van eigen gebruik ontbraken. Die worden nu toegevoegd. Gevolg is dat beleggers in 'overige bezittingen' nu meer belasting betalen, tenzij zij met de tegenbewijsregeling aantonen dat hun werkelijke rendement lager is.
  2. Lager heffingsvrij vermogen
    Het heffingsvrije vermogen daalt van € 57.684 naar € 51.396 per persoon. Daardoor stijgt het aantal box 3-betalers.

Lek met obligaties gedicht

Door obligaties met aangegroeide rente vlak voor het einde van het jaar te kopen, kon kunstmatig een verlies worden geboekt. Het kabinet grijpt daarom in met een wetswijziging die terugwerkt tot 25 augustus 2025, 16.00 uur. Het totaalrendement blijft hetzelfde, maar het kunstmatig schuiven tussen werkelijke en forfaitaire rendementen levert geen voordeel meer op. Het kabinet past de tegenbewijsregeling in box 3 aan op twee punten:

  1. Obligaties en vergelijkbare effecten worden niet meer gewaardeerd tegen de beurskoers zonder rente, maar op de economische waarde inclusief rente.
  2. De vrijstelling voor kortlopende termijnen (zoals aangegroeide rente) geldt niet langer in de tegenbewijsregeling, behalve voor banktegoeden (zoals deposito’s), omdat die niet overdraagbaar zijn.

Groen beleggen: uitstel afschaffing, maar per 2027 bijna geen voordeel meer

Groen beleggen krijgt in box 3 nu nog een vrijstelling en heffingskorting. In 2025 bedraagt de vrijstelling € 26.312 (partners € 52.624) en de heffingskorting 0,1% daarvan. Een eerder aangenomen amendement regelde dat deze voordelen per 2027 volledig zouden verdwijnen. De Belastingdienst gaf echter aan dat dit technisch niet uitvoerbaar is. Daarom verschuift de formele afschaffing naar 1 januari 2028. Om te voorkomen dat 2027 nog een volwaardig groenvoordeel oplevert, verlaagt het kabinet de vrijstelling in 2027 tot € 200 (partners € 400). De heffingskorting blijft bestaan, maar is door de lage vrijstelling verwaarloosbaar.

Relevante artikelen

Black box bedrijfsauto is geen prikklok

Een muskusrattenvanger, sinds 1994 in dienst, staat onder toezicht vanwege lage productie en veel administratietijd. Wanneer signalen binnenkomen dat zijn dienstauto tijdens werktijd vaak bij zijn woning staat, start de werkgever een onderzoek. Black

Lees hier meer

Gunstiger boetebeleid geldt ook voor oude jaren

Een vrouw doet over 2011 geen aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur legt in 2015 een verzuimboete van € 984 op, 20% van het wettelijke maximum. Het boetebeleid schrijft sinds 2014 weliswaar nog maar 7% voor, maar het overgangsrecht

Lees hier meer

Zonder aangekruist verzoek geen doorschuiving van de verkrijgingsprijs

Een dga overlijdt in 2018 en zijn weduwe verkrijgt alle aandelen in zijn bv. In de aangifte van de erflater staat geen vervreemdingsvoordeel. Volgens de weduwe ligt daarin een impliciet verzoek om doorschuiving besloten. Zij claimt in 2020 een

Lees hier meer

Geen arbeidskorting meer over bepaalde uitkeringen

Vanaf 1 januari 2027 wijzigen de regels voor het samenvoegen van loon en socialezekerheidsuitkeringen bij de loonheffingen. Deze aanpassing heeft financiële gevolgen voor werknemers die een socialezekerheidsuitkering via hun werkgever

Lees hier meer

Bijbetalen voor duty-free sigaretten

Een man komt vanuit India aan op Schiphol en wordt gecontroleerd door de Douane. Bij de controle ontdekt de Douane dat hij 1.200 sigaretten bij zich heeft. Voor 200 sigaretten krijgt hij een vrijstelling, maar voor de overige 1.000 sigaretten legt de

Lees hier meer

Geen heffingsvrij vermogen bij werkelijk rendement

Een man en vrouw hebben in 2023 uitsluitend bank- en spaartegoeden van in totaal € 229.802. Op deze tegoeden ontvangen zij gedurende het jaar € 1.575 aan rente. De Belastingdienst stelt het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen (box 3)

Lees hier meer