Wij zoeken nieuwe collega’s. Bekijk hier alle vacatures

30 januari 2025

Kort kijken, hoog schatten: het hof fluit de inspecteur terug

Een belastingplichtige runt samen met een medevennoot een coffeeshop. Na waarnemingen ter plaatse (wtp's) heeft de Belastingdienst navorderingsaanslagen opgelegd omdat niet alle omzet was verantwoord. Zowel de rechtbank als het hof oordeelden dat de inspecteur te snel conclusies heeft getrokken uit een beperkt aantal waarnemingen. De rechtsvraag was: wanneer is sprake van een redelijke schatting?

Standpunt van de belastingplichtige

De belastingplichtige betwist dat het geringe  aantal waarnemingen representatief is voor zijn normale omzet. Hij wijst erop dat de Belastingdienst uit slechts zes wtp's in vier jaar van maximaal één of twee uur per keer vergaande conclusies trekt voor een bedrijf dat twaalf uur per dag open is. Volgens de belastingplichtige kan je uit zulke beperkte waarnemingen geen conclusies trekken voor een heel jaar.

Standpunt van de inspecteur

De inspecteur verdedigt zijn schatting door te wijzen op de klantentellingen tijdens de wtp's. Met gemiddeld 41 klanten per uur en een besteding van € 12,20 komt de uuromzet op € 500,20. Als je dit doorrekent naar een hele week met 12 openingsuren per dag, zou dit een weekomzet van ruim € 40.000 betekenen. De inspecteur vindt dit een redelijke berekening van de werkelijke omzet.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank veegt de schatting van tafel. De waarnemingen zijn te beperkt in aantal (zes keer in vier jaar) en duur (maximaal één uur per dag) om daar zulke vergaande conclusies uit te trekken. Ook kon één van de tellingen niet worden gebruikt omdat toen klanten werden 'afgevangen'. De inspecteur heeft volgens de rechtbank veel te weinig feitelijke gegevens verzameld om zijn schatting op te baseren.

Oordeel van het hof

Het hof bevestigt het oordeel van de rechtbank. Een redelijke schatting moet volgens het hof op voldoende waarnemingen zijn gebaseerd. De inspecteur gaat hier op twee punten de mist in. Ten eerste is het onverantwoord om uit één of twee tellingen per jaar van hooguit twee uur conclusies te trekken voor een heel jaar met 365 dagen en 12 openingsuren per dag. Ten tweede heeft de inspecteur niet onderbouwd waarom waarnemingen uit 2019 ook relevant zouden zijn voor 2015-2018. Het hof benadrukt dat het beperkte aantal waarnemingen een bewuste keuze was van de inspecteur zelf. Die keuze kan niet worden afgewenteld op de belastingplichtige. Voor een redelijke schatting had de inspecteur meer waarnemingen moeten doen, verspreid over langere periodes.

Conclusie

Deze uitspraak maakt duidelijk dat voor het schatten van verzwegen omzet meer nodig is dan enkele korte waarnemingen. De Belastingdienst moet zijn schatting baseren op voldoende feitelijke gegevens. Dit betekent in de praktijk dat de Belastingdienst meer en langere waarnemingen moet doen om tot een redelijke schatting te komen.

Relevante artikelen

Bod op onderneming bepaalt waarde bij inbreng

Een dierenarts brengt zijn praktijk in een bv in en waardeert de goodwill op € 400.000. Kort daarvoor had een investeerder ruim € 3 miljoen geboden. De rechtbank oordeelt dat de dierenarts dat bod niet zomaar mocht negeren. Investeerder

Lees hier meer

Zes weken om partnerverdeling te wijzigen

Fiscale partners kunnen hun onderlinge verdeling van box 3 nog wijzigen na een collectieve uitspraak in een massaalbezwaarprocedure. De Hoge Raad oordeelt dat zij daarvoor zes weken de tijd hebben, gerekend vanaf de verminderingsbeschikking. Box 3

Lees hier meer

Selectie door algoritme leidt niet tot onrechtmatig bewijs

Een administratiekantoor wordt geselecteerd voor controle door het algoritme 'OB Negatief'. De eigenaar stelt dat dit onrechtmatig is en dat alle bevindingen daarom moeten worden uitgesloten. De rechtbank oordeelt anders. Algoritmische selectie is

Lees hier meer

Rente van 9% op lening van ouders is niet zakelijk

Een man werkt als belastingadviseur en participeert daarnaast in de agrarische maatschap van zijn ouders. In 2015 koopt hij de ouderlijke woning voor € 315.000. Hij leent het volledige bedrag van zijn ouders. De afspraken: 9% rente per jaar, een

Lees hier meer

Kwijtscheldingswinstvrijstelling vervalt door herinvesteringsreserve

Een bv verkoopt in 2018 een schip met winst en vormt een herinvesteringsreserve. In 2019 scheldt de bank een deel van de schulden kwijt. De bv claimt de kwijtscheldingswinstvrijstelling, maar de rechtbank steekt daar een stokje voor. De

Lees hier meer

Afwaardering pand naar verkoopprijs: niet te vroeg en niet te laat

Verliezen mogen pas worden genomen wanneer de feiten zich voordoen. Voorzichtigheid is mooi, maar de Belastingdienst rekent af op basis van wat je op de balansdatum weet. Niet op basis van wat je later blijkt te weten. Wellnesscentrum gaat

Lees hier meer